-------------------------------------------------------------- From: foxof@dds.nl Date: 5 oktober 1996 NewsGroups: nl.eeuwig.september Subject: De Theevisite --------------------------------------------------------------

De Theevisite

* een sprookje *
Er was eens een oud omaatje en die woonde in een lief, klein aanleunwoninkje, met daarbij een grote tuin waarin zij een kalkoen hield als huisdier... Maar laat ik nog niet op de zaken vooruit lopen. Het was koud buiten en de blaadjes vielen al van de bomen. Jip en Janneke keken door het raam naar buiten. Ze zwaaiden naar Janneke's moeder die op bezoek ging bij oma, die een griepje had opgelopen. Doe je de groeten aan Klok-Klok, de kalkoen, riep Janneke nog achter het vensterraam. Moeder knikte en reed op haar fiets weg. Wat zullen we vanmiddag gaan doen, vroeg Jip. We kunnen winkeltje spelen, of een leuke tekening maken voor oma, bedacht Janneke. Nee, dat vind ik niet leuk. Laten we iets echt gezelligs doen, zei Jip. Janneke dacht nog eens diep na. Ik weet wat, zei ze, laten we een theevisite spelen! Een theevisite, antwoordde Jip verbaasd, wat is dat nu weer, een theevisite?. Dan gaan we gezellig thee maken en dan eten we daar lekkere koekjes bij en dan gaan we net als grote mensen doen. En dan doen we net alsof jij bij mij op bezoek komt, zei Janneke. Maar ik ben toch al bij je op bezoek, zei Jip. Laat maar, zei Janneke, kom we gaan naar de keuken. Janneke gaf Jip aanwijzingen hoe hij thee moest zetten en dan zou Janneke in de tussentijd lekkere koektaartjes maken. Jip zette de fluitketel met water op het vuur en stopte alvast een theezakje in de theepot. Janneke pakte een rol biscuitjes uit de kast. Jip, wil jij uit het bovenste kastje de hagelslag pakken, vroeg Janneke. Jip ging op een keukenstoel staan en strekte zijn armen uit. Hij had het pak vast, maar hij verloor zijn evenwicht en viel zo pardoes van de stoel op de keukenvloer. En in zijn onfortuinlijke val had hij ook nog eens de fluitketel van het fornuis meegenomen. Janneke slaakte een angstige kreet. Niks aan de hand hoor, zei Jip, die alweer overeind stond. En de fluitketel is nog heel, voegde hij er snel aan toe. Maar zijn broek was helemaal nat geworden en zijn haar, net als de vloer, zat helemaal onder de hagelslag. Oh Jip, zei Janneke, wat zie je eruit! Janneke moest hard lachen. Nu moest Jip ook lachen. Na een half uurtje schoonmaken en veel geproest begon de fluitketel nu echt te fluiten. Het theewater was klaar. Janneke was bijna klaar met de biscuitjes die ze besmeerd had met boter en jam en met het restje hagelslag dat nog in het pak was overgebleven. Ga jij maar naar de kamer en maak de tafel maar gezellig Jip, vroeg Janneke. En dan kom ik zo met de thee en de koekjes. Dat is goed, zei Jip, en Jip wist niet dat een theevisite zo leuk was en dan hadden ze nog niet eens thee gedronken. Janneke zette de theepot op het dienblad naast de schaal met de gesmeerde biscuitjes. Nu niet laten vallen, dacht ze. En heel langzaam en heel voorzichtig liep ze de keuken uit die er nu uitzag alsof er zojuist een wild varkentje een rondedansje had gemaakt, want wat was het er een rommeltje geworden. Ik kom eraan, riep Janneke, die nu met een hand het dienblad los liet om er de deur van de kamer mee open te doen. Het blad wiebelde. Met een ferme ruk deed Jip de kamerdeur open om Janneke te helpen. Pas op!, schreeuwde Janneke. Janneke kon nog net het dienblad goed vastpakken en rechthouden. Met een tollende beweging liep ze in een vreemde pas de kamer binnen en zette met een plof het blad op de tafel. Niks gebeurt! Jip moest hard lachen om de gekke bewegingen van Janneke. Ook Janneke moest nu lachen om de onhandigheid en vooral om de goede afloop. Ziezo, zei Janneke, en dan gaan we nu gezellig thee drinken en jij bent bij mij op theevisite. Wil je een kopje thee Jip? Ja lekker, zei Jip en hij pakte een koekje van de schaal. Nog even wachten, zei Janneke, pas wanneer ik het zeg mag je een koekje pakken. Jip keek een beetje beteuterd. Dan moet je wel opschieten, zei Jip. Asjeblieft, wil je een lekker taartkoekje? Jip nam een koekje zonder wat te zeggen. Janneke nam ook een koekje. En dan gaan we nu gezellig doen, zei ze Maar Jip wist niets gezelligs meer om gezelligs te doen. Zeg jij eens iets gezelligs Jip, vroeg Janneke. Jip keek Janneke sip aan en haalde zijn schouders op. Jip wist niks. Ach toe nou, vroeg Janneke. Weet jij dan niks gezelligs, antwoordde Jip, jij weet hoe een theevisite gaat. En ik vind het maken van de theevisite veel leuker dan de theevisite zelf, pruilde Jip. Maar we zijn pas net begonnen hoor, zei Janneke, maar ik weet ook niks gezelligs. We moesten wel lachen he, toen je haren helemaal onder de hagelslag zat. Er zit nog een slagje hagel in je oor! Janneke lachte en wees naar Jips oor. Jip haalde uit zijn oor nog een hagelslagje tevoorschijn en stopte die in zijn mond, maar hij kon er niet om lachen. Samen aten ze zwijgzaam de koekjes op, maar in de thee hadden ze geen trek. Wanneer is de theevisite afgelopen, vroeg Jip, ik vind er niks meer aan. Janneke gaf het ook op, want ze vond het ook niet leuk. Toen kwam de moeder, nog met haar jas aan, de kamer binnen. Wat zitten jullie daar treurig aan de tafel, zei mamma. Jip en Janneke zeiden niets. Hebben jullie voor mij een lekker kopje thee, zei mams vrolijk. Janneke glimlachte. Ja, we hebben wel een kopje thee, maar geen kopje. Dit zijn onze kopjes, zei Janneke. Dan haal ik er wel eentje uit de keuken, zei mam. Ze liep de kamer uit en trok haar jas in de gang uit. Ze voelde een teder brokje in haar keel bij de zoete aanblik van Jip en Janneke's theevisite. En ze kreeg zelfs tranen in haar ogen toen ze de keuken zag. En toen moeder snel het gasfornuis had uitgedraaid liet ze haar gemoed de vrije loop. Alleen kwamen haar tranen nu niet meer van de zoetheid van Jip en Janneke. De moeder trok snel haar jas weer aan, pakte uit de slaapkamer haar paspoort, cheques en bankpasjes en liep op haar tenen weer snel naar buiten. Jip en Janneke hebben haar daarna nooit meer gezien. En nu beste lezers vragen jullie je natuurlijk af, 'Dit is toch geen sprookje, dit is toch gewoon een alledaags verhaaltje?'. Inderdaad tot zover wel, maar ik heb jullie een beetje voor het lapje gehouden. Niet dat het verhaaltje geen sprookje is, maar het verhaaltje liep in het echt heel anders af. Was ik dit verhaaltje niet begonnen met te vertellen over een oud omaatje en haar kalkoen? Inderdaad. En dan nu weer terug naar de theevisite. Jip en Janneke zaten dus ietwat sip aan de tafel naar hun theekopjes te kijken. Toen kwam de moeder, nog met haar jas aan, de kamer binnen. De moeder keek bedrukt. Wat kijk je treurig, vroeg Janneke. De moeder hield haar jas aan en ging aan tafel zitten. Ik moet jullie iets heel ernstigs vertellen, zei ze. Ik was net bij het huisje van oma, maar oma is er niet meer. Er viel even een stilte. Is ze dan dood, vroeg Janneke opgewekt. De moeder barstte in tranen uit. Ik weet het niet Janneke, ze is er niet meer! Ze was nergens in huis te vinden. En ze was al zo slecht ter been en ze was ook nog eens ziek. Ze kan nooit de deur uit zijn gegaan. Waar zou ze toch kunnen zijn? Dan moet je de politie bellen, zei Jip, die weten verdwenen omaatjes altijd te vinden. De moeder schudde haar hoofd, ze is echt weg vrees ik. Als oma er niet meer is, dan krijgen pappa en jij alle centjes van oma, zei Janneke. Ja joepie, zei Jip, dan zijn we eindelijk van oma verlost en dan eten we altijd kip met friet en mayonaise! Daar had de moeder allemaal nog niet aan gedacht. Ze droogde snel haar tranen, stond resoluut op en belde maar meteen met meneer De Jager. Meester De Jager, notaris De Jager. Oma was weg en oma bleef weg. Meneer De Jager had - net als oma- overal goed voor gezorgd en voor zijn behulpzame diensten werd hij door de familie goed betaald en onthaald. De familie was al snel verhuisd naar een groot, mooi huis in een groot bos. De moeder had een mooie nieuwe jas gekocht, de vader een dure auto en Jip en Janneke kregen allebei een Pentium 200 Mhz multi-media-pc. Ook mochten ze nog een tijdje voor Klok-Klok zorgen, maar met Kerst zou Klok-Klok naar de kalkoenenhemel verhuizen, zo had de moeder verteld. En zo werd het winter en kwam het einde van dit sprookje en van Klok-Klok nabij. Het was Kerstavond en de familie zat rondom de rijkelijk gevulde dis, met als culinair middelpunt de grote, gebraden Klok-Klok. Jip en Janneke wisten niet dat het Klok-Klok was die daar lag, maar dachten dat het een reuzekip was, want die bestaan echt. Ook meneer De Jager was genood voor het kerstmaal en hij mocht als eregast de kalkoen aansnijden. Na een korte, liefdevolle toespraak door meneer De Jager over oma, pakte hij het scherpe vleesmes en zette het blinkende staal in de buik van de kalkoen. Het malse vlees week soepel door het metalen lemmet uiteen. Maar wat gebeurde er nu! Wie kwam daar uit de buik van Klok-Klok tevoorschijn? OMA!, zeiden Jip & Janneke sprakeloos in koor. De moeder viel flauw en de vader begon stotterend wat te stamelen. En daar stond oma, midden op de tafel. Ze keek wat stuurs om haar heen en haalde eens diep adem. Zie zo, zei ze, eindelijk uit die kalkoen! M'n maag rammelt. Ik lust wel een stukkie... Jip en Janneke moesten lachen. En toen oma ook hard begon te lachen lachten de moeder, de vader en meneer De Jager nu ook. En zo was oma weer teruggekomen. En nog voor het einde van het oude jaar trouwde ze met meneer De Jager en leefde iedereen nog lang en ongelukkig. ****** FoXoF