Tompouce of tompoes?

(tompoucen en tompouces)

DirkJan Vos - d.vos35@chello.nl

Van de week typte ik in een berichtje het woord tompoucen. Het meervoud van de gebakjes. Dat werd niet goedgekeurd door mijn speller, dat moest zijn tompouces. Nooit zo gelezen met die eindklanken. Ik spreek het uit als 'tompoesen' en nog nooit anders gehoord, maar ik schrijf tompoucen. Zou het ook met een n mogen? Ik heb de digitale Van Dale 14 geraadpleegd en toen bleek dat Van Dale het hele woord tompouce niet kent in de betekenis van een gebakje. Het lemma staat er wel in, maar daar staat dat een tompouce een kleine damesparaplu is. En het meervoud is alleen met een s. En zo kwam ik er snel achter dat het gebakje bij Van Dale is te vinden onder tompoes. Geen enkele verwijzing naar de schrijfwijze tompouce.

Ik ben wat gaan googelen. Moeilijk te achterhalen wat het meest voorkomt, tompouce of tompoes, want tompouce komt ook voor op buitenlandse sites. Wel viel gelijk op dat de HEMA als grootste banketbakker het schrijft als tompouce, net als de Albert Heijn. Het meervoud bij de HEMA is wel tompouces. Ik moet er nog aan wennen, voor zover dat lukt en ik dat ook wil. Wie heeft het over twee 'tompoesus'?

Het onderwerp zette mij aan om er nog wat verder in te duiken. De Wikipedia heeft veel info en daar valt te lezen dat de tompouce in Nederland voor het eerst is gemaakt in de negentiende eeuw. Twee lagen roomboterbladerdeeg met tussenin vanillebanketbakkersroom met bovenop een laagje meestal varkensrozegekleurd fondantglazuur.

"Naar verluidt is de tompoes voor het eerst gemaakt door een Amsterdamse banketbakker. Hij zou daarbij geïnspireerd zijn geweest door General Tom Thumb. In 1844 en 1845 reisde het circus van de Amerikaanse showman Phineas Taylor Barnum door Europa en deed daarbij ook Nederland aan. Vooral het optreden van Charles Sherwood Stratton (1838-1883) was een regelrechte sensatie. Hij was een dwerg die slechts 63,5 cm mat en optrad onder de naam General Tom Thumb. Enkele jaren later begon de Friese dwerg Jan Hannema (1839-1878) op te treden onder de naam Admiraal Tom Pouce. Vermoedelijk was hij bij de naamkeuze geïnspireerd door zijn Amerikaanse collega."

De namen Tom Thumb en Tom Pouce verwijzen naar de sprookjesfiguur die wij kennen als Klein Duimpje. En het gebakje bestond al in de 17e eeuw in Frankrijk en is later ook vernoemd naar Napoleon. En Napoleon was een kleine man en wellicht is dat ook nog een link naar de Nederlandse naamgeving van de tompouce.

Hier kun je verder over de tompoes/tompouce lezen.

Tompoes - Wikipedia

Helaas staat er op de Wikipedia-pagina geen bronvermelding.

De Wikipedia nodigde weer uit om ook te kijken in de online-versie van het Woordenboek der Nederlandsche Taal, het WNT. Ik ga naar Google, typ in de zoekbalk 'tompouce WNT', et voilá, dan is dat gelijk raak. Ook hier veel extra informatie over de geschiedenis en betekenis van het woord. Ze kennen zowel de tompouce als de tompoes.

Onderaan vond ik nog deze regel.

"Tompouce(n)plak (1), laag bladerdeeg waar de korst voor tompoezen van gesneden wordt."

Hier worden de beide schrijfwijzen na elkaar geschreven. En er was sprake van tompoucen met een n als meervoud. Ook lees ik aan het begin: "... tompoucen, tompoezen, ook tompouces (alleen geschreven)." Interessant.

Het hele lemma uit 1950 is op de volgende link te vinden:

Tompouce - WNT

Maar zijn het nu tompoezen, of tompouces en/of tompoucen?

Op etymologiebank.nl kon ik er niks over vinden. Ook gezocht op de site van Onze Taal. Maar één aanwijzing. Op een pagina met spellingvarianten van de groene spelling, en verschillen met de Van Dale, staat in een lijstje tompouce naast tompoes. Tompouce is vetgedrukt, wat wil zeggen dat deze spelling het meest gebruikelijk is. Een verschil van mening met de Van Dale.

Spellingvarianten in het Groene Boekje - onzetaal.nl

In de Van Dale staat bij tompoes nog dat Marten Toonder de stripfiguur Tom Poes heeft vernoemd naar het gebakje. Dat moet dan ergens rond 1940 zijn geweest. Maar vernoemde hij het toen via de spelling tompouce of bestond al de schrijfwijze tompoes? En dat brengt mij dan op de suggestie dat mogelijk pas vanaf de jaren veertig vanwege de strip Tom Poes, de spelling van tompouce naar tompoes is geëvolueerd. Ik weet het niet.

Uiteindelijk bracht dit onderwerp me er toe om het Genootschap Onze Taal hierover te mailen. Zijn beide spellingen goed te keuren en mag je ook tompoucen met een meervouds-n schrijven? De Taaladviesdienst heeft geantwoord en keuren zowel tompoes als tompouce goed. Ook willen ze vrijlaten dat tompoucen met een meervouds-n of -s wordt geschreven. Ze baseren dat op een onderzoekje in het corpus van het Instituut voor Nederlandse Lexicologie waarin ze veel meer spellingen met een meervouds-n tegenkwamen. Ze schrijven dat de meervouds-n aansluit bij de uitspraak, maar wat door diverse naslagwerken niet is opgenomen. Wellicht wijden ze er binnenkort nog een stukje aan in hun blad of op de website en ze gaan het toevoegen aan hun eigen Witte Boekje. En nu had ik ook de redactie van de Van Dale willen mailen, maar ik weet dat ze op inhoudelijke zaken niet reageren. Dus een bevredigend antwoord op tompouces en/of tompoucen is er nog niet. Ik ben voor de groene standaarspelling en eigenlijk zou ik dan tompouces moeten gaan schrijven. Maar ik ga dat vooralsnog niet doen. En de spelling tompoucen staat niet in de woordenlijst van de Nederandse Taalunie, wel tompouces. Ik heb ze nu gemaild met een verzoek om die spelling ook op te gaan nemen. Ik ben benieuwd wat ze er van vinden.

[ Het enige woord in de Van Dale dat op 'ouce' eindigt is tompouce. Voor een meervouds-n zijn geen analogieën te vinden. Maar je kan ook denken aan blouse. Je schrijft en zegt alleen het meervoud blouses en niet blousen. Maar aan de andere kant, woorden als gemeente en gedachte mogen zowel in het meervoud met een n of met een s worden geschreven. ]

Inmiddels antwoord ontvangen van de Nederlandse Taalunie. Ze zijn het met me eens en willen de meervouds-n op de agenda zetten van de spellingcommissie. Zo goed als zeker zal het in het Groene Boekje en de woordenlijst worden aangepast. De Taalunie merkte nog de analogie op met het woord ambulance. Dat mag zowel als ambulances als ambulancen worden geschreven. Ambulancen ken ik niet, maar er is een vergelijkbaar precedent. En verder maar afwachten of de Van Dale het ook ooit aanpast en tevens vermeldt dat tompouce een juiste schrijfwijze is voor het gebakje en met meervouds-n. Het is natuurlijk een minuscuul onderwerpje, maar ik beschouw het als een aardig succesje.

[ De Vlaamse hoofdredacteur van de Van Dale heb ik inmiddels op de hoogte gebracht van deze kleine kwestie. Hij gaat het doorgeven. In Vlaanderen wordt een tompouce overigens een boek of boekske genoemd. ]

Ik schreef eerder dat ik niets kon vinden op etymologiebank.nl, maar een oplettende lezer reageerde en wees mij erop dat er wel een lemma over tompoes bestaat. Inderdaad, twee vermeldingen over de historie van Tom Pouce. Maar verder juist niets over de herkomst tompoes. Er staat een citaat uit het Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, van M. Philippa e.a. (2003-2009) en het lemma uit het Eponiemenwoordenboek van Ewout Sanders uit 1993. Hier is de informatie op de Wikipedia kennelijk mede op gebaseerd. Laten ze die bronnen dan ook vermelden.

tompoes - etymologiebank.nl

Ik heb verder geen probleem met de spelling van tompoes, maar zelf blijf ik tompouce schrijven. Nico Scheepmaker schreef begin jaren zestig een artikel over hoe je het beste een tompouce kan eten. Ik heb het niet gelezen, maar ik gebruik in ieder geval nooit een gebaksvorkje en leg hem ook niet op zijn kant. Ik haal altijd de bovenkant eraf en eet dan de krokante onderkant met puddingvla op, tegelijk met hapjes van de suikerzoete bovenkant. Lekker.

De mazzel!

MobyDirk

Amsterdam – 24 oktober - 5 december 2012 – Den Haag – 1960 - # 11

PS

Laat ik nu niet uitweiden en oordelen over de tompouce die ik in allerlei varianten heb gegeten van banketbakkers in Den Haag tot zoals nu bij Kwekkeboom in Amsterdam, of van de HEMA en zelfs de Albert Heijn met vroeger ook zijn mini-tompoucen. Er zijn tompoucen met slagroom, met versieringen, oranje glazuur, mokka-fondant, hartige tompoucen, noem maar op. Ook herinner ik me uit de jaren zeventig dat je pakken met instant-tompoucen kon kopen, om zelf thuis te maken. De plakken bladerdeeg zaten al in de doos. De pudding en het glazuur hoefde je alleen nog maar met koud water aan te lengen. Voor bij de koffie. Ik at deze tompoucen wel op de jongenskamer van mijn jeugdvriend Joan, gemaakt door zijn moeder. Nou ja, toch maar een oordeel: nul sterren.

Toch nog een andere herinnering uit mijn tienertijd in de jaren zeventig. Op mijn middelbare school was een kantine die werd uitgebaat door een ouder echtpaar. Een paar keer per week werd er door een bakker een doos gebracht met een tompoucentaart. Een groot vierkant met bruin mokka-fondant dat nog niet aangesneden was. Dat moesten ze nog zelf doen. En het uitsnijden ging niet altijd precies zodat er grote en kleine tompoucen te verkrijgen waren. Ik wist daarvan af en wees altijd de grootste tompouce aan die er nog te kiezen was. Oordeel: vijf sterren.

Een stukje in de NRC met citaten uit het artikel van Nico Scheepmaker.

Tompoes eten - Frits Abrahams - 19-10-2015 - nrc.nl

Hoe worden tompoucen gemaakt? - Filmpje - schooltv.nl

Nog een HEMA-bestel-tip voor tompoucen met eigen foto-glazuuropdruk

__

Update oktober 2015

Het nieuwe Groene Boekje is verschenen en mijn aanbeveling om ook tompoucen met een meervouds-n op te nemen, is aan de database toegevoegd.

banketbakkerssaucijzenbroodjes (30)

banketbakkerssaucijzenbroodjesroomboterbladerdeeg (49)

banketbakkerssaucijzenbroodjesroomboterbladerdeegrecept ... (55)

DirkJan Vos - d.vos35@chello.nl