Stones Kurhaus - Willem Hoos

DirkJan Vos - d.vos35@chello.nl

Amsterdam - Den Haag 1960

______________________________________________

Van: Willem Hoos

Onderwerp: Jarenlang trauma over Cola flesje bij Stones concert in Kurhaus 1964

Datum: 6 augustus 2008, 19:22

______________________________________________

Van de meeste historische evenementen herinneren de mensen zich vaak de hoogte- en/of dieptepunten. Zo bestaan de herinneringen aan het Kurhaus concert van The Rolling Stones, denk ik, vooral uit de ongeregeldheden en - als gevolg daarvan - de korte duur van het optreden.

Ik was er ook bij in Scheveningen, op 8 augustus 1964. Als 25-jarige jongeman moest ik voor een dagblad, dat al lang niet meer bestaat, een artikeltje schrijven. Aan het korte concert heb ik een indrukwekkende en puur persoonlijke herinnering overgehouden, die eigenlijk niets met het optreden zelf te maken had.

De herinnering draait om een Coca Cola flesje. Een leeg flesje, dat met een duizelingwekkende vaart op me af kwam rollen en dat me heel wat ellende had kunnen bezorgen. Nu, ruim 40 jaar later, moet ik er nog tamelijk vaak aan denken. En ik heb er in al die tijd al zeker vijf keer vreselijke dromen over gehad.

Wie het flesje heeft gegooid en het zo vreselijk aan het rollen heeft gebracht, weet ik niet. Ik stond op dat moment achter in de zaal, voorbij het gangpad, dat in mijn herinnering eindigde met een ongeveer 10 centimeter hoog tegelrandje. Vanaf die plaats raakte ik totaal gefascineerd door het aanstormende flesje. Heel vreemd dat 't niet tot stoppen is gebracht door andere mensen in de zaal. Daardoor werd het in mijn beleving een gevaarlijk projectiel.

En ik bleef maar kijken naar het voortdenderende flesje. Ik was totaal gehypnotiseerd. Het flesje sloeg uiteindelijk te pletter tegen het tegelrandje aan het eind van het gangpad. Op het allerlaatste moment heb ik mijn ogen gesloten en me omgedraaid. Ik hoorde wel spetterend glas om me heen, maar ik heb er gelukkig niets nadeligs aan overgehouden.

Wel ben ik meteen weggelopen, nauwelijks om me heen kijkend. Nog diezelfde avond heb ik het artikeltje uitgetikt. Het uitkomen van de krant met mijn Stones verslag (op maandag 10 augustus 1964) heb ik niet meegemaakt. Want toen was ik al op vakantie in Oostenrijk.

Ik zou daar gaan wandelen in de bergen. Maar uiteindelijk is dat een verblijf van een week in een oud en deftig hotel in Wenen geworden. Ik weet nog hoe 't hotel heette: Hotel Wimberger. Ik heb daar - min of meer impulsief - een kamer genomen, omdat ik me tot het eind van de jaren zestig Wim noemde (later heb ik mijn voornaam veranderd in Willem).

Van de website van DirkJan ben ik, misschien vreemd, pas sinds 29 juli j.l. op de hoogte. Surfend over de digitale snelweg kwam ik ermee in contact. Ook heb ik een paar dagen later de website www.stoneskoppop.nl bekeken.

DirkJan vroeg me of ik wat van mijn herinneringen wilde opschrijven voor zijn site. Persoonlijk vind ik het vreemd dat het incident met het Coca Cola flesje zo'n enorme impact op me heeft gehad. Ik zou er, bij wijze van spreken, graag eens over willen praten met de bekende geheugendeskundige Douwe Draaisma van de Universiteit van Groningen.

De laatste keer dat ik over het Coca Cola flesje een droom, zeg maar: een nachtmerrie had, was een paar maanden geleden. Die droom had een vreselijke afloop: ik was te laat om me om te draaien en het uiteen spattende flesje had een vreselijke ravage in mijn gezicht aangericht.

Veel verwondingen, veel bloed. Aan beide ogen was ik blind geworden; een oog hing er half uit, een dramatisch gezicht. Ik was ineens zanger-pianist en trad op - onder de naam Jules de Corte - in een bomvolle zaal. Voor de uitvoering van het lied "Ik zou wel eens willen weten" kreeg ik een daverend applaus, dat minuten duurde.

De echte Jules de Corte leefde nog en zat ook in de zaal. Hij klapte dolenthousiast voor me. Maar hij zei er wel eerlijk bij: "Ik kan hem natuurlijk niet zien".

DirkJan zei dat ik bij het schrijven van dit artikel me niet gebonden hoefde te voelen aan een bepaalde lengte. Hij zei het interessant te vinden dat ik - naast mijn normale journalistieke werk bij de televisie - ook meer dan 30 jaar had geschreven over muziek (vooral pop- en jazz) voor diverse binnen- en buitenlandse bladen (waaronder, om maar wat te noemen, Muziekkrant OOR, Panorama, Muziek Expres, diverse dagbladen, Veronica Magazine, Billboard, Der Musikmarkt en Jazz Journal International).

Drie mensen, die op DirkJans website worden genoemd, heb ik vrij goed leren kennen. Dat waren de inmiddels overleden Paul Acket en Koos de Gier en de nog in leven zijnde Willem van Kooten.

Laatstgenoemde liet zich overigens een paar maanden geleden in een e-mail aan oud-Ariola platenman Evert Wilbrink ontvallen de indruk te hebben dat ik inmiddels overleden was. Hoe hij aan die indruk kwam, werd me niet duidelijk. Nou, Willem, ik zit nu in mijn zeventigste levensjaar, maar ik ben nog wel van plan eventjes door te gaan. Unga!, zou ik bijna zeggen.

Paul Acket heb ik redelijk goed leren kennen in 28 afleveringen van het North Sea Jazz Festival, die ik in Den Haag heb bezocht. Hij was me vooral in de eerste jaren dankbaar voor mijn artikelen over het festival in Billboard, waardoor het jazzevenement behoorlijk wat bekendheid kreeg in de Verenigde Staten en andere landen.

Paul was een vrij gesloten man, maar toch heb ik in de loop der jaren - zonder dat anderen erbij waren - een paar zeer openhartige gesprekken met hem gehad. Aan zijn vrouw Jos bewaar ik ook goede herinneringen. Ik herinner me nog goed een persbezoek met haar aan de eerste (en tevens laatste) editie van een groots opgezet Canadees popfestival, dat begin jaren zeventig werd gehouden onder de naam Maple Music Junket.

Daar was Jip Golsteijn van De Telegraaf ook bij aanwezig. Hij en ik waren behoorlijk onder de indruk van de jonge rockband The Stampeders. Daar hebben we uitvoerig over geschreven bij terugkomst in Nederland. De band - met een in Rotterdam geboren lefgozertje als leadzanger - kreeg kort daarna een Edison onderscheiding.

Koos de Gier ken ik uit de tijd (29 jaar) dat ik bij de redactie van het NTS (later) NOS Journaal werkte. 't Is de moeite waard bij Beeld en Geluid in Hilversum eens na te gaan of zijn opnamen van het Kurhaus optreden van de Stones daar misschien ook te vinden zijn.

Verder weet ik dat de inmiddels ook overleden Journaal cameracorrespondent Joop Panhuysen uit Amsterdam van een Stones bezoek aan Nederland (in welk jaar weet ik niet meer) zeer bijzondere opnamen heeft gemaakt. Hij stelde onder meer een vraag aan een appel etende Charlie Watts. De drummer stond tegen de muur van de kleedkamer en keek totaal onge´nteresseerd. Het antwoord - in een tergend traag tempo - duurde, schrik niet, bijna tien minuten. Unieke opnamen (ben benieuwd of die ook bij Beeld en Geluid te vinden zijn).

Ik groet u allen,

Willem Hoos

DirkJan Vos - d.vos35@chello.nl